ECLI:NL:RBARN:2008:BH0317
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Rechtmatigheid lidmaatschap medezeggenschapsraad en rooster van aftreden basisschool
Eiser, ouder van drie kinderen op een openbare basisschool, werd in november 2007 feitelijk geïnstalleerd als lid van de medezeggenschapsraad (MR). Hoewel hij bij de verkiezingen niet was gekozen, stelde hij aanspraak te maken op een vacante zetel. Een rooster van aftreden werd in december 2007 vastgesteld, waarbij eiser zelf voorstelde als eerste af te treden per 1 augustus 2008. Eiser trok later zijn instemming in en stelde dat hij onder druk had gehandeld.
De Landelijke Klachtencommissie Onderwijs (LKC) oordeelde dat het proces rond het rooster van aftreden niet correct was verlopen en dat de communicatie richting ouders suggestief was, maar adviseerde niet het lidmaatschap van eiser ongedaan te maken. SPOM, het bevoegd gezag, hield vast aan het rooster en schreef nieuwe verkiezingen uit voor de vacante zetel.
Eiser vorderde in kort geding dat de verkiezingen werden verboden en dat negatieve beeldvorming over hem werd gerectificeerd. De rechtbank oordeelde dat er geen bewijs was van bedreiging, bedrog of misbruik van omstandigheden bij het rooster van aftreden en dat eiser gehouden was aan zijn toezegging. De nieuwe verkiezingen waren daarom niet onrechtmatig. Wel werd SPOM verplicht om zich te distantiëren van negatieve beeldvorming en binnen twee weken te reageren op de klacht van eiser volgens de klachtenregeling.
Uitkomst: De rechtbank oordeelt dat het lidmaatschap van eiser rechtsgeldig was en dat het rooster van aftreden en de daaropvolgende verkiezingen niet onrechtmatig zijn.