ECLI:NL:RBARN:2008:BH1564

Rechtbank Arnhem

Datum uitspraak
2 mei 2008
Publicatiedatum
5 april 2013
Zaaknummer
08/346
Instantie
Rechtbank Arnhem
Type
Uitspraak
Uitkomst
Afwijzend
Procedures
  • Eerste aanleg - enkelvoudig
Rechters
Vindplaatsen
  • Rechtspraak.nl
Aangehaalde wetgeving Pro
Art. 287a Fw
AI samenvatting door LexboostAutomatisch gegenereerd

Afwijzing verzoek tot gedwongen schuldregeling ex artikel 287a Faillissementswet

Op 9 april 2008 diende verzoeker een verzoek in bij de rechtbank Arnhem tot toepassing van de schuldsaneringsregeling ex artikel 287a Faillissementswet. Verzoeker vroeg tevens om Postbank N.V. te bevelen in te stemmen met een schuldregeling waarbij verzoeker drie jaar zijn inkomen aan de gemeente Nijmegen zou afstaan. De gemeente zou het vrij te laten bedrag berekenen en het meerdere reserveren voor schuldeisers, met een jaarlijkse uitbetaling.

Postbank N.V. ging niet akkoord met het voorstel. Tijdens de zitting van 19 mei 2008 werden verzoeker, een vertegenwoordiger van de gemeente Nijmegen en twee vertegenwoordigers van Postbank N.V. gehoord. De rechtbank beoordeelde of Postbank N.V. in redelijkheid tot weigering van instemming kon komen, waarbij werd gekeken naar de verhouding tussen het belang van Postbank en dat van verzoeker en overige schuldeisers.

De rechtbank concludeerde dat het voorstel onvoldoende was gedocumenteerd. Het bod was onduidelijk opgebouwd en het netto inkomen kwam niet overeen met het loon uit de arbeidsovereenkomst. Bovendien was het toezicht op naleving van de sollicitatieplicht via de gemeente minder streng dan in een wettelijke schuldsaneringsregeling. Daarom kon Postbank N.V. in redelijkheid weigeren in te stemmen met het voorstel.

Het verzoek tot gedwongen schuldregeling werd afgewezen, maar het verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling werd in behandeling genomen en verzoeker werd opgeroepen voor een nadere zitting.

Uitkomst: Het verzoek tot oplegging van de schuldregeling aan Postbank N.V. wordt afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.

Uitspraak

RECHTBANK ARNHEM
Sector civiel recht
rekestnummer: 08/346
uitspraakdatum: 29 mei 2008
Verzoek gedwongen schuldregeling artikel 287a Faillissementswet
In de zaak van: [verzoeker],
wonende te Nijmegen,
nader te noemen verzoeker,
Het verzoek en de gang van zaken
Op 9 april 2008 is bij de rechtbank een verzoek ingediend tot toepassing van de schuldsaneringsregeling. Daarbij is tevens verzocht de Postbank N.V. gevestigd te Amsterdam, te bevelen in te stemmen met een vóór indiening van het verzoekschrift aangeboden schuldregeling als bedoeld in artikel 287a van de Faillissementswet (Fw.).
Het verzoek betreft het opleggen van een schuldregeling aan Postbank N.V. inhoudende dat verzoeker drie jaar lang zijn inkomen ter beschikking stelt aan de gemeente Nijmegen en dat deze instelling het conform de uniforme rekenmethode van Recofa vast te stellen vrij te laten bedrag betaalt aan verzoeker en het meerdere reserveert voor de schuldeisers. Het gereserveerde bedrag wordt elk jaar (drie keer in totaal) aan de schuldeisers uitgekeerd. Voor deze werkzaamheden wordt door de gemeente Nijmegen 9% van de gereserveerde bedragen ingehouden. De gemeente heeft het voor verzoeker geldende vrij te laten bedrag uitgerekend en heeft de schuldeisers bericht dat naar verwachting 38,21% op de vordering kan worden uitbetaald. De Postbank N.V. is met dit voorstel niet akkoord gegaan.
Verzoeker is door de rechtbank gehoord ter terechtzitting van 19 mei 2008. Tevens is gehoord mevrouw [betrokkene] van de gemeente Nijmegen. Namens Postbank N.V. zijn [twee personen] verschenen.
De beoordeling
Het verzoek tot het opleggen van deze schuldregeling aan Postbank N.V. dient te worden toegewezen indien Postbank N.V. in redelijkheid niet tot weigering van instemming met deze schuldregeling heeft kunnen komen, in aanmerking genomen de onevenredigheid tussen het belang dat zij heeft bij uitoefening van de bevoegdheid tot weigering en de belangen van verzoeer of van de overige schuldeisers die door de weigering worden geschaad (art. 287a Fw.).
Allereerst is de vraag of het voorstel goed en betrouwbaar is gedocumenteerd en of voldoende duidelijk is dat het bod het uiterste is waartoe verzoekster financieel in staat moet worden geacht. Het voorstel - althans het aanbodpercentage - is onvoldoende gedocumenteerd. Het is onduidelijk hoe het aan de schuldeisers aangeboden percentage is opgebouwd en welke inkomensbestanddelen en vaste lasten zijn meegenomen.
Het netto inkomen uit de berekening van de gemeente stemt niet overeen met het in de arbeidsovereenkomst genoemde loon. Dit loon is gebaseerd op een 32-uurscontract. De rechtbank is van oordeel dat het toezicht op de naleving van de sollicitatieplicht – met het oog op fulltime werk – in een wettelijke schuldsaneringsregeling beter is gewaarborgd dan in de schuldregeling via de gemeente. Daarnaast is er geen huisbezoek en geen postblokkade.
Tegen de achtergrond van voorgaande kan niet geoordeeld worden dat Postbank N.V. in redelijkheid niet tot weigering van instemming kon komen. Het verzoek dient daarom te worden afgewezen. Het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling zal in behandeling worden genomen.
De beslissing
De rechtbank:
- wijst het verzoek af;
- bepaalt dat het verzoek tot toepassing van de schuldsaneringsregeling in behandeling zal worden genomen;
- bepaalt dat verzoekster voor een nadere zitting wordt opgeroepen.
Dit vonnis is gewezen door mr. R.A. Boon en in tegenwoordigheid van de griffier uitgesproken ter openbare terechtzitting van 29 mei 2008.
de griffier, de rechter,