ECLI:NL:RBARN:2009:BH4733
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing Bouw-CAO op uitzendkrachten en wachttermijn bij vakkrachten
Eisers hebben als uitzendkrachten in de bouw gewerkt voor Bergland op basis van twee contracten, waarbij het eerste contract geen CAO van toepassing verklaarde en het tweede contract de Uitzend-CAO 1999-2003. Gedurende de periode van oktober 2003 tot juli 2004 gold de Bouw-CAO voor de inlenende ondernemingen waar eisers werkten.
De kern van het geschil betrof de vraag of Bergland de Bouw-CAO of de Uitzend-CAO moest toepassen en of een wachttermijn van drie maanden gold voor de toepassing van de Bouw-CAO op vakkrachten. Eisers stelden dat de wachttermijn niet van toepassing was, terwijl Bergland dit betwistte.
De rechtbank oordeelde dat eisers als ervaren timmerlieden vakkrachten zijn in de zin van de Bouw-CAO en dat de bepalingen van de Bouw-CAO zonder wachttermijn op hen van toepassing zijn. De overgangsregeling hield in dat de oude Bouw-CAO tot 1 juli 2004 bleef gelden. Bergland werd veroordeeld tot betaling van niet-betaalde vakantiebonnen, reisuren, wettelijke verhogingen en rente, maar niet tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten.
De uitspraak bevestigt de uitleg van cao-bepalingen en de toepasselijkheid van de Bouw-CAO op uitzendkrachten die als vakkracht werken, waarbij het belang van de aanmelding bij de SMU en de Beloningscommissie wordt onderstreept.
Uitkomst: Bergland wordt veroordeeld tot betaling van achterstallige vakantiebonnen, reisuren, wettelijke verhogingen en rente aan eisers conform de Bouw-CAO zonder wachttermijn.