ECLI:NL:RBARN:2009:BH9739
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- I. de Waal-van Wessem
- G.W. Brands-Bottema
- J.M.W. van de Sande
- Rechtspraak.nl
Voorlopige omgangsregeling en aanhouding gezagsbeslissing na opname moeder in coma
De Raad voor de Kinderbescherming verzocht de rechtbank om een voogd aan te wijzen over twee minderjarige kinderen, omdat de moeder sinds oktober 2008 in coma ligt na een hersentrombose. De kinderen verblijven tijdelijk bij de grootouders, die de verzorging op zich nemen en ondersteund worden door Bureau Jeugdzorg. De Raad stelde voor dat BJAA als voogd zou optreden om het gezag te voeren en toezicht te houden op de ontwikkeling van de kinderen.
Tijdens de zitting maakte de moeder via haar computer kenbaar dat het goed met haar gaat en wenst zij dat haar ouders de voogdij tijdelijk overnemen. De vader trok zijn verzoek om het hoofdverblijf van de kinderen bij hem te bepalen in, maar wil samen met de moeder het gezag uitoefenen. Hij vraagt tevens om een omgangsregeling met de kinderen, die voorlopig in overleg met de grootouders wordt afgesproken.
De rechtbank acht het in het belang van de kinderen dat zij voorlopig bij de grootouders blijven en dat het gezag voorlopig gezamenlijk door de ouders wordt uitgeoefend. De Raad wordt verzocht nader onderzoek te doen naar het gezag en de omgangsregeling zodra de moeder is uitbehandeld. De rechtbank stelt een voorlopige omgangsregeling vast en houdt verdere beslissingen aan tot 17 september 2009.
Uitkomst: De rechtbank stelt een voorlopige omgangsregeling vast en houdt de beslissing over het gezag aan tot nader onderzoek.