ECLI:NL:RBARN:2009:BI8741
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Onderhoudsplicht vervalt na erkenning door juridische vader
De vrouw verzocht de rechtbank Arnhem om de man, als verwekker van twee minderjarige kinderen, te verplichten bij te dragen in de kosten van verzorging en opvoeding. De kinderen zijn erkend door een andere man, de heer [ZZZ], die samen met de vrouw het gezag over de kinderen heeft en met wie een omgangsregeling geldt.
De rechtbank oordeelt dat op grond van artikel 1:394 van Pro het Burgerlijk Wetboek de onderhoudsplicht van de verwekker vervalt zodra de kinderen door een andere man zijn erkend. De vrouw stelde dat zowel de verwekker als de erkenner onderhoudsplichtig zouden zijn, maar dit wordt door de rechtbank verworpen. Ook is geen positieve verplichting uit artikel 8 EVRM Pro gebleken die een onderhoudsbijdrage van de verwekker zou rechtvaardigen.
Daarom verklaart de rechtbank de vrouw niet-ontvankelijk in haar verzoek en compenseert de proceskosten zodanig dat iedere partij de eigen kosten draagt. Het verzoek tot een bijdrage van €49 per kind per maand wordt afgewezen. De beschikking is gegeven door rechter-plaatsvervanger Y.H.M. Marijs en is in het openbaar uitgesproken op 20 mei 2009.
Uitkomst: De vrouw wordt niet-ontvankelijk verklaard in haar verzoek tot onderhoudsbijdrage van de verwekker, omdat diens onderhoudsplicht vervalt na erkenning door een andere man.