ECLI:NL:RBARN:2009:BJ1545
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.A. van Schagen
- E. Klein Egelink
- L. van Gijn
- Rechtspraak.nl
Bevestiging boete wegens niet-overleggen arbeidsrelatiegegevens volgens Wet minimumloon
Op 20 juni 2007 voerden inspecteurs een controle uit op het bedrijfsterrein van eiser, waarbij zij zes personen werkzaamheden zagen verrichten die tot de normale bedrijfsactiviteiten behoorden. Eiser kon voor drie van deze personen niet de vereiste schriftelijke bescheiden overleggen waaruit de aard van de arbeidsrelatie, het loon, de vakantiebijslag en het aantal gewerkte uren bleek.
Op grond hiervan legde de minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid een boete van € 20.100 op wegens overtreding van artikel 18b, tweede lid, van de Wet minimumloon en minimumvakantiebijslag (Wml). Eiser voerde aan dat het boeterapport onzorgvuldig was en dat er geen sprake was van een dienstbetrekking in de zin van de wet, maar de rechtbank verwierp deze bezwaren.
De rechtbank oordeelde dat de verplichting tot het overleggen van stukken niet beperkt is tot personen met een formele dienstbetrekking, maar ook geldt voor alle personen die werkzaamheden verrichten die als normale bedrijfsverrichtingen gelden. Tevens werd geoordeeld dat het boeterapport voldoende gemotiveerd en betrouwbaar is en dat het beroep van eiser ongegrond is. De stelling dat artikel 18b Wml in strijd is met de onschuldpresumptie volgens het EVRM werd eveneens verworpen.
Uitkomst: Het beroep tegen de boete wegens het niet overleggen van arbeidsrelatiegegevens wordt ongegrond verklaard.