ECLI:NL:RBARN:2009:BJ6569
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering ouders tot indicatiestelling praktijkonderwijs voor kind met syndroom van Down
De ouders van een minderjarig kind met het syndroom van Down vorderden in kort geding dat de stichting praktijkonderwijs (de school) werd verplicht een verzoek tot indicatiestelling in te dienen bij de Regionale Verwijzingscommissie (RVC) voor toelating tot het praktijkonderwijs.
De stichting Pro had het kind na een kennismakingsstage en een negatief advies van de toelatingscommissie niet toegelaten, omdat zij meende niet te kunnen voldoen aan de individuele begeleidingsbehoefte. De ouders stelden dat de school wettelijk verplicht was een indicatiestelling aan te vragen en dat het weigeren hiervan onrechtmatig was.
De rechtbank oordeelde dat het bevoegd gezag beslist over toelating en dat artikel 10g lid 2 WVO niet verplicht tot het indienen van een indicatieverzoek, maar slechts stelt dat toelating kan plaatsvinden indien een positieve indicatiestelling is afgegeven. De school maakte geen misbruik van bevoegdheid en de beslissing was zorgvuldig genomen, mede gelet op het advies van de toelatingscommissie en de omstandigheden van het kind.
De vordering werd afgewezen en de ouders werden veroordeeld in de proceskosten. De uitspraak bevestigt dat de school beleidsvrijheid heeft bij toelating en niet verplicht is een indicatiestelling aan te vragen zonder dat zij dat wenselijk acht.
Uitkomst: De vordering van de ouders om de school te verplichten een indicatiestelling aan te vragen wordt afgewezen.