ECLI:NL:RBARN:2009:BJ7446
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Geschil over berekeningsmethode warmtetarieven stadsverwarming Almere
De gemeente Almere vordert dat Nuon gehouden is de warmtetarieven voor stadsverwarming te berekenen volgens het 'niet meer dan anders' (nmd) principe zoals vastgelegd in de overeenkomst uit 1990, waarbij de Vestin-tariefmethode gehanteerd moet worden. De gemeente stelt dat Nuon onrechtmatig is overgestapt op de EnergieNed-methode, die hogere tarieven oplevert en niet voldoet aan het nmd-principe.
Nuon betwist dit en voert aan dat zij gerechtigd is over te stappen op een andere methode, mits deze binnen het nmd-principe blijft. De rechtbank beoordeelt dat het nmd-principe een gemiddeld vergelijkingskader betreft en dat de EnergieNed-methode, gebaseerd op marktwaardeberekeningen van representatieve groepen, een rationele en aanvaardbare methode is. De rechtbank verwerpt de stellingen van de gemeente dat de methode onjuist is en dat Nuon fouten maakt bij de toepassing.
De rechtbank behandelt diverse specifieke klachten van de gemeente, zoals de berekening van de aansluitbijdrage, het vastrecht, de warmteprijs, de toepassing van correctiefactoren, doorstroomapparaatkosten, BTW-tarieven en tarieven voor hogere comfortklassen. Deze worden stuk voor stuk verworpen op grond van onvoldoende bewijs of een juiste uitleg van de overeenkomst en de tariefadviezen.
De primaire en subsidiaire vorderingen van de gemeente worden afgewezen. De gemeente wordt veroordeeld in de proceskosten. Hiermee bevestigt de rechtbank dat Nuon de warmtetarieven mag vaststellen volgens de EnergieNed-methode, die binnen het nmd-principe blijft, en dat de gemeente onvoldoende heeft aangetoond dat deze methode of de toepassing ervan onjuist is.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vorderingen van de gemeente Almere af en bevestigt dat Nuon de warmtetarieven mag berekenen volgens de EnergieNed-methode binnen het nmd-principe.