ECLI:NL:RBARN:2009:BJ9147
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- E.A.A.M. Pfeil
- A.M. van Gorp
- J.A.P. Bakker
- Rechtspraak.nl
Onbevoegdverklaring rechtbank Rotterdam in megastrafzaak en voortzetting voorlopige hechtenis
In deze megastrafzaak heeft de rechtbank Rotterdam, zitting houdende te Arnhem, zich onbevoegd verklaard om kennis te nemen van de zaak tegen verdachte. De vervolging is namelijk aangevangen bij de rechtbank Arnhem door het indienen van de vordering tot inbewaringstelling, waardoor deze rechtbank bevoegd is.
De verdediging voerde aan dat de rechtbank Rotterdam niet bevoegd is en verzocht tevens om opheffing van het bevel tot voorlopige hechtenis. Het openbaar ministerie stelde daarentegen dat de vervolging begint bij de dagvaarding en dat zij de keuze heeft waar te dagvaarden, wat Rotterdam zou zijn.
De rechtbank oordeelde dat het moment van aanvang van de vervolging het indienen van de vordering tot inbewaringstelling is, niet het uitbrengen van de dagvaarding. Hierdoor is de rechtbank Arnhem bevoegd en niet Rotterdam. De voorlopige hechtenis blijft echter zes dagen na de onherroepelijkheid van dit vonnis van kracht, zodat het openbaar ministerie bij de bevoegde rechtbank een nieuwe titel kan verkrijgen.
Deze beslissing is genomen mede vanwege het algemeen belang en de ernst van de feiten, ondanks dat een eerdere toepassing van artikel 72 lid 2 Sv Pro door het Gerechtshof 's-Gravenhage al had plaatsgevonden. De rechtbank heeft hiermee de bevoegdheid van de rechtbank Arnhem bevestigd en de voorlopige hechtenis tijdelijk verlengd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart zich onbevoegd en verlengt de voorlopige hechtenis met zes dagen.