ECLI:NL:RBARN:2009:BK8303
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering indeplaatsstelling supermarkt wegens ontbreken spoedeisend belang
Lidl vordert in kort geding dat zij de exploitatie van haar supermarkt kan overdragen aan een derde partij via indeplaatsstelling, omdat de huidige exploitatie verliesgevend zou zijn en de geplande overdracht onrust bij personeel veroorzaakt.
De voorzieningenrechter beoordeelt eerst de spoedeisendheid en constateert dat Lidl onvoldoende aannemelijk heeft gemaakt dat de overdracht daadwerkelijk onrust veroorzaakt of dat de omzet verder daalt. Ook is de koopovereenkomst ouder dan een jaar, waardoor spoedeisendheid ontbreekt.
Daarnaast is niet aannemelijk dat Lidl een zwaarwichtig belang heeft bij de indeplaatsstelling, omdat zij geen cijfermatige onderbouwing van het verlies heeft geleverd. Verhuurder Beverwaard stelt dat de formule van de nieuwe exploitant niet aansluit bij het winkelcentrum en dat de belangenafweging in haar voordeel uitvalt.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de belangen van Beverwaard als verhuurder voldoende aannemelijk zijn gemaakt, mede vanwege het belang van een gevarieerd winkelcentrum en de landelijke naamsbekendheid van Lidl. Daarom wordt de vordering afgewezen en draagt Lidl de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot indeplaatsstelling wordt afgewezen wegens ontbreken van spoedeisend belang en onvoldoende onderbouwing van zwaarwichtig belang.