ECLI:NL:RBARN:2009:BK8734
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- I.A.M. van Boetzelaer-Gulyas
- Rechtspraak.nl
Beroep tegen derdenbeslag op WAO-uitkering wegens invordering teveel betaalde AOW-uitkering
Eiseres ontvangt een WAO-uitkering en er is beslag gelegd op haar uitkering wegens een terugvordering van €49.197,40 aan teveel betaalde AOW-uitkering aan haar echtgenoot. De SVB had de terugvordering vastgesteld en verweerder, het UWV, heeft uitvoering gegeven aan het beslag door het bedrag boven de beslagvrije voet niet meer aan eiseres uit te betalen.
Eiseres betwist dat het beslag te vroeg is uitgevoerd en stelt dat de SVB ten onrechte aangifte heeft gedaan van sociale zekerheidsfraude. Zij voert aan dat invordering niet mag plaatsvinden voordat de strafrechter hierover heeft geoordeeld. De rechtbank stelt vast dat eiseres geen rechtsmiddelen heeft aangewend tegen de terugvorderingsbesluiten en dat de strafrechterlijke procedure geen invloed heeft op de terugvorderingsplicht.
De rechtbank volgt de vaste rechtspraak dat het UWV verplicht is volledig mee te werken aan het beslag zonder de geldigheid en omvang daarvan te toetsen. De toetsing beperkt zich tot de vraag of het bestuursorgaan binnen het kader van het beslag is gebleven. De grieven over de handelwijze van de SVB vallen buiten het bestreden besluit en zijn niet ontvankelijk. Het beroep wordt daarom ongegrond verklaard.
Uitkomst: Het beroep tegen het derdenbeslag op de WAO-uitkering wordt ongegrond verklaard.