ECLI:NL:RBARN:2009:BK8812
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Toewijzing vordering tot afgifte paard wegens bruikleen en geen eigendomsoverdracht
In deze zaak vordert eiseres dat gedaagde het paard B aan haar teruggeeft, omdat zij stelt dat zij het paard slechts in bruikleen heeft gegeven en niet in eigendom heeft overgedragen. Gedaagde exploiteert een manegebedrijf en gebruikte het paard voor lessen. Na het kreupel worden van paard A is dit paard teruggegeven aan eiseres, wat erop wijst dat er geen eigendomsoverdracht was.
De voorzieningenrechter oordeelt dat de overeenkomst tussen partijen een bruikleenovereenkomst betreft en geen bewaarneming of eigendomsoverdracht. Dit blijkt onder meer uit het ontbreken van afspraken over vergoeding voor stalling en het feit dat het originele registratiebewijs bij eiseres bleef. Ook verklaringen van betrokkenen ondersteunen dit oordeel.
Gedaagde wordt veroordeeld om het paard B binnen zeven dagen na betekening van het vonnis aan eiseres af te geven, met een dwangsom bij niet-naleving. Tevens wordt gedaagde veroordeeld in de proceskosten. De vordering van gedaagde tot betaling van bewaarloon wordt afgewezen omdat de overeenkomst niet als bewaarneming kwalificeert.
Uitkomst: Gedaagde wordt veroordeeld tot afgifte van het paard binnen zeven dagen met dwangsom en proceskostenveroordeling.