ECLI:NL:RBARN:2009:BK9743
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- H.C.A. Walda
- Rechtspraak.nl
Geschil over erfdienstbaarheid en gebouwaansprakelijkheden tussen buren
De zaak betreft een burenruzie tussen [eiser] en [gedaagden] over het gebruik van een inrit en diverse gebouwaansprakelijkheden. [Eiser] vordert onder meer de erkenning van een erfdienstbaarheid van overpad en maatregelen tegen hinderlijke bouwkundige situaties van de buren.
De rechtbank stelt vast dat er geen erfdienstbaarheid door bestemming is ontstaan bij de splitsing van de percelen, mede omdat de garage van eiser later is gebouwd en de muur met garagedeur niet de erven scheidt. Ook is geen sprake van een noodweg omdat het perceel van eiser een eigen toegang tot de openbare weg heeft.
De meeste vorderingen van eiser worden afgewezen, waaronder het verwijderen van een hekwerk en het opheffen van het overhellen van een schuur, vanwege onvoldoende bewijs of verjaring. Wel wordt gedaagden veroordeeld om binnen vier maanden maatregelen te treffen tegen vallend puin en metselwerk van hun westgevel, onder dreiging van een dwangsom.
In reconventie wordt eiser verboden het perceel van gedaagden te betreden, eveneens onder dwangsom. Beide partijen worden veroordeeld in hun proceskosten. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad en gewezen door mr. H.C.A Walda.
Uitkomst: De rechtbank wijst de meeste vorderingen van eiser af en veroordeelt gedaagden tot herstelmaatregelen aan hun gevel.