ECLI:NL:RBARN:2010:BL4378
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Beëindiging overeenkomst van opdracht zonder inachtneming opzegtermijn leidt tot betaling vergoedingen
In deze zaak vordert [eiseres], een zelfstandige communicatieadviseuse, betaling van vergoedingen van Emporia wegens het niet in acht nemen van de contractuele opzegtermijn van drie maanden bij beëindiging van hun overeenkomst van opdracht. Emporia had de overeenkomst telefonisch per direct opgezegd, wat volgens de rechtbank weliswaar vormvrij is toegestaan, maar in strijd is met de contractuele opzegtermijn.
De rechtbank stelt vast dat tussen partijen een rechtsgeldige overeenkomst van opdracht is gesloten, ondanks dat het contract niet is ondertekend. De opzegging zonder inachtneming van de opzegtermijn is onrechtmatig omdat Emporia geen gegronde reden heeft gesteld die onmiddellijke beëindiging zonder vergoeding rechtvaardigt. Het beroep van Emporia op dwaling over de capaciteiten van [eiseres] wordt verworpen.
De rechtbank veroordeelt Emporia tot betaling van de vaste maandelijkse vergoedingen en onkostenvergoeding over de opzegtermijn van oktober 2009 tot en met januari 2010, een bedrag van € 26.408, vermeerderd met wettelijke rente en proceskosten. De gevorderde buitengerechtelijke kosten worden gematigd. Het vonnis is uitvoerbaar bij voorraad.
Uitkomst: Emporia is veroordeeld tot betaling van vergoedingen over de opzegtermijn van drie maanden en proceskosten.