ECLI:NL:RBARN:2010:BN2379
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Opheffing conservatoir beslag na afgifte bankgarantie in bouwgeschil woon-/praktijkruimte
Eiser, eigenaar van een tandartspraktijk, gaf opdracht aan gedaagde tot bouw van een woon-/praktijkruimte. De bouw werd te laat opgeleverd en er waren diverse gebreken. Eiser stelde een vordering tot schadevergoeding wegens te late oplevering en stelde zich op het standpunt dat hij betalingen mocht opschorten vanwege niet herstelde gebreken.
Gedaagde legde conservatoir derdenbeslag onder ABN Amro Bank ter zekerheid van onbetaalde facturen. Eiser bood een bankgarantie aan ter hoogte van het beslagbedrag, maar gedaagde weigerde deze te accepteren. Eiser vorderde daarop opheffing van het beslag.
De rechtbank oordeelde dat de vordering van gedaagde niet summierlijk ondeugdelijk was en dat het beslag niet onnodig was gelegd. Het beroep van eiser op verrekening en opschorting had onvoldoende voorshands aannemelijk gemaakt kans van slagen. De aangeboden bankgarantie werd echter als voldoende zekerheid beschouwd. Gezien het belang van eiser bij toegang tot zijn bankrekening en het ontbreken van een spoedeisend belang bij gedaagde, werd het beslag opgeheven onder de voorwaarde dat de bankgarantie werd gesteld.
De rechtbank veroordeelde gedaagde tot opheffing van het beslag binnen 48 uur na afgifte van de bankgarantie en stelde een dwangsom in bij niet-naleving. De kosten van de procedure werden aan gedaagde opgelegd.
Uitkomst: Het conservatoir derdenbeslag wordt opgeheven na afgifte van een bankgarantie door eiser.