ECLI:NL:RBARN:2010:BN2445
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vermindering boete naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting wegens bijzondere omstandigheden
De rechtbank Arnhem behandelde het beroep van eiseres tegen een naheffingsaanslag motorrijtuigenbelasting (MRB) met een maximale verzuimboete van €4.537 opgelegd door de Belastingdienst. Eiseres had een taxivrijstelling aangevraagd voor een auto die in 2005 werd ingezet voor personenvervoer tegen betaling, maar uit onderzoek bleek dat niet aan de voorwaarden werd voldaan.
Eiseres stelde dat zij ten onrechte niet was gehoord in de bezwaarprocedure, terwijl zij hierom had verzocht. De rechtbank oordeelde dat de Belastingdienst de hoorplicht had geschonden, maar dat terugwijzing niet noodzakelijk was omdat eiseres geen terugwijzing wenste. De rechtbank besloot zelf te voorzien in de zaak en gelastte vergoeding van het betaalde griffierecht.
Ten aanzien van de boete oordeelde de rechtbank dat eiseres slechts een relatief beperkt verwijt treft vanwege bijzondere omstandigheden, waaronder het vervoer van een ernstig zieke zoon en financiële problemen. De boete werd daarom gematigd tot 25% van het oorspronkelijke bedrag, oftewel €1.229.
De rechtbank verklaarde het beroep gegrond, vernietigde de uitspraak op bezwaar voor zover het de boete betrof, handhaafde de naheffingsaanslag en bepaalde dat deze uitspraak in de plaats treedt van de vernietigde uitspraak op bezwaar.
Uitkomst: De boete bij de naheffingsaanslag MRB wordt gematigd tot 25% en het griffierecht wordt vergoed.