ECLI:NL:RBARN:2010:BN3354
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Opheffing onnodig conservatoir derdenbeslag op huurpenningen wegens voldoende zekerheid door onroerende zaken
RCI Financial Services B.V. legde conservatoir derdenbeslag onder VKV B.V. op huurpenningen ten laste van [eiser] om haar vordering van circa €599.300,- te verzekeren. [eiser] stelde dat dit beslag onnodig en onrechtmatig was omdat een eerder conservatoir beslag op vijf onroerende zaken van hem voldoende zekerheid bood vanwege een overwaarde van ruim €1.249.675,-.
De rechtbank stelde vast dat de rechtmatigheid van het eerste beslag op de onroerende zaken niet in geschil was en dat het tweede beslag onder VKV alleen betrekking had op dezelfde vordering van RCI. De discussie betrof de waarde van de zekerheden; RCI hanteerde executiewaarden en hogere hypotheekbedragen, terwijl [eiser] uitging van WOZ-waarden en lagere hypotheekhoofdsommen.
De voorzieningenrechter volgde de berekening van de executiewaarde minus de hoofdsom van de hypotheken en concludeerde dat de overwaarde van de onroerende zaken ruim voldoende was om de vordering te dekken. Het extra derdenbeslag onder VKV was daarom onnodig en onrechtmatig. RCI werd veroordeeld het beslag binnen twee dagen op te heffen en een dwangsom opgelegd. De overige vorderingen van [eiser] werden afgewezen omdat VKV geen uitkeringen had gedaan.
De proceskosten werden aan RCI opgelegd en het vonnis werd uitvoerbaar bij voorraad verklaard.
Uitkomst: Het conservatoir derdenbeslag onder VKV wordt opgeheven omdat het eerdere beslag op onroerende zaken voldoende zekerheid biedt.