ECLI:NL:RBARN:2010:BO4474
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- L.A. van Son
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering wegens kennelijk onredelijk ontslag na verstoorde arbeidsverhouding
De werknemer was sinds 1994 in dienst bij Groenwinkel als bloemiste en werkte naar tevredenheid totdat zij in 2008 ziek werd met burn-outklachten. Na re-integratie in een andere vestiging ontstonden spanningen en conflicten met collega’s en vennoten, wat leidde tot opschorting van werkzaamheden en mediation.
De bedrijfsarts en UWV stelden vast dat de werknemer arbeidsgeschikt was, maar zij hervatte haar werkzaamheden niet. Groenwinkel vroeg en kreeg een ontslagvergunning van het UWV en beëindigde het dienstverband. De werknemer vorderde een vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag, stellende dat zij door de bejegening van de werkgever niet kon werken.
De rechtbank oordeelde dat het conflict niet volledig aan de werkgever te wijten was, dat mediation werd ingezet en dat de werkgever redelijke aanwijzingen gaf. De beëindiging was gerechtvaardigd gezien de verstoorde arbeidsverhoudingen en het niet hervatten van werk door de werknemer. De vordering werd afgewezen en de werknemer werd veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering tot vergoeding wegens kennelijk onredelijk ontslag wordt afgewezen en de werknemer wordt veroordeeld in de proceskosten.