ECLI:NL:RBARN:2010:BP1769
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Vaststelling WOZ-waarde woning en vergoeding proceskosten na bezwaar
Eiser betwist de door verweerder vastgestelde WOZ-waarde van zijn woning per 1 januari 2008, die oorspronkelijk op €590.000 was gesteld en gehandhaafd bij bezwaar. Eiser stelt een lagere waarde van €469.000 voor, ondersteund door een taxatierapport van zijn taxateur. Verweerder baseert zich op een eigen taxatierapport met een waarde van €581.000.
De rechtbank oordeelt dat het beroep gegrond is omdat de oorspronkelijke waarde niet kan worden gehandhaafd conform een arrest van de Hoge Raad. De rechtbank stelt vast dat de waarde van €581.000 aannemelijk is, mede op basis van vergelijkingsobjecten die qua type en bouwjaar vergelijkbaar zijn en waarbij verschillen in inhoud, oppervlakte en ligging adequaat zijn verdisconteerd.
De stellingen van eiser over ongeschikte vergelijkingsobjecten en onjuiste waarderingsmethoden worden verworpen. De rechtbank acht de gehanteerde vergelijkingsmethode passend en wijst de gronduitgifteprijs als waarderingsgrondslag af. Ook de waardering van de garage wordt niet aangepast vanwege onvoldoende onderbouwing.
Verder oordeelt de rechtbank dat de kosten van het taxatierapport, ondanks dat de taxateur en de gemachtigde aan dezelfde onderneming verbonden zijn, voor vergoeding in aanmerking komen. De kosten zijn voldoende gespecificeerd en redelijk. De rechtbank veroordeelt verweerder tot vergoeding van de proceskosten in bezwaar en beroep, alsmede het griffierecht.
De uitspraak vernietigt het bezwaar, stelt de WOZ-waarde vast op €581.000, vermindert de aanslag onroerende-zaakbelasting dienovereenkomstig en treedt in de plaats van het vernietigde besluit.
Uitkomst: De WOZ-waarde wordt vastgesteld op €581.000 en verweerder wordt veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.