ECLI:NL:RBARN:2011:BP7560
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening bij loonbeslag rekening houdend met werkelijke huurkosten
De rechtbank Arnhem behandelde een verzoek van een schuldenaar die loonbeslag ondervond vanwege meerdere schuldeisers, waaronder Volkswagen Bank GmbH en Fortis Hypotheek Bank N.V. De schuldenaar had een verzoek tot toepassing van de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) ingediend, maar de beslissing hierover was nog niet genomen.
De schuldenaar stelde dat de beslagvrije voet niet juist was berekend, omdat geen volledige rekening werd gehouden met zijn werkelijke kale huur van circa €700, gemeentelijke heffingen en het eigen risico voor ziektekosten. Hierdoor zou hij zijn vaste lasten niet kunnen betalen en zou het loonbeslag leiden tot nieuwe schulden en mogelijk ontslag wegens belemmering van zijn arbeidsrelatie.
De rechtbank oordeelde dat de beslagvrije voet volgens artikel 475b e.v. Rv bedoeld is om bestaansmiddelen te waarborgen, maar dat de wettelijke normhuur en maximale huurtoeslag een beperking vormen. Gezien de hogere werkelijke huur achtte de rechtbank het aannemelijk dat de schuldenaar in financiële problemen zou komen. Daarom gaf zij een voorlopige voorziening dat bij de berekening van de beslagvrije voet rekening moet worden gehouden met de daadwerkelijk betaalde kale huur, totdat op het WSNP-verzoek is beslist. Andere kosten zoals gemeentelijke belastingen en eigen risico werden niet meegenomen wegens onvoldoende onderbouwing.
De voorziening beperkt de rechten van de beslagleggers slechts in beperkte mate en is uitvoerbaar bij voorraad. Het verzoek tot opheffing of schorsing van het loonbeslag werd afgewezen, behalve voor de huurcorrectie. De beslissing is openbaar uitgesproken op 14 maart 2011 door rechter B.J. Engberts.
Uitkomst: Bij de berekening van de beslagvrije voet moet rekening worden gehouden met de daadwerkelijk betaalde kale huur van de schuldenaar totdat op het WSNP-verzoek is beslist.