ECLI:NL:RBARN:2011:BP9756
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor onzedelijk betasten minderjarig meisje in openbaar vervoer
Op 22 mei 2010 heeft de verdachte in een bus op het traject Arnhem-Nijmegen zijn hand op de schouder van een 15-jarig meisje gelegd en vervolgens af laten glijden naar haar borst. Het meisje was op dat moment nog geen zestien jaar oud. De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat verdachte opzettelijk ontuchtige handelingen heeft gepleegd.
De verdachte ontkende opzettelijk te hebben gehandeld en stelde dat de aanraking per ongeluk was, maar de rechtbank verwierp dit verweer op grond van verklaringen van het slachtoffer en een getuige, alsmede de context van seksuele vragen die verdachte aan het meisje stelde. Verdachte heeft een fors strafblad met eerdere vermogens- en geweldsdelicten.
Gezien de ernst van het feit, de leeftijd van het slachtoffer en het strafblad van verdachte, vond de rechtbank een onvoorwaardelijke gevangenisstraf passend. De opgelegde straf van drie weken is conform de eis van de officier van justitie. Verdachte werd vrijgesproken van overige tenlastegelegde feiten die niet bewezen konden worden.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie weken voor het onzedelijk betasten van een 15-jarig meisje.