ECLI:NL:RBARN:2011:BP9893
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.P.E.E. van Groeningen
- A.T.M. Vrijhoeven
- B.F.M. Klappe
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving collega-militair aan boord marineschip
Op 30 juni 2010 hebben zeven mariniers, waaronder een korporaal en zes mariniers der 1e klasse, een collega-militair op het marineschip Hr.Ms. Johan de Witt in de nacht uit zijn bed getrokken, met geweld geboeid, een geblindeerde bril en oorkappen opgezet en zijn mond met tape afgeplakt. Vervolgens werd hij opgesloten in een kooi bestemd voor piraten, met kettingen en tie-wraps afgesloten.
De militaire kamer achtte wettig en overtuigend bewezen dat deze handelingen wederrechtelijk waren en dat de verdachten willens en wetens de aanmerkelijke kans aanvaardden dat zij de vrijheid van het slachtoffer onrechtmatig beperkten. Ondanks het verweer dat het om een grap ging, oordeelde de kamer dat de gedragingen de grenzen van een grap en de strafrechtelijke normen ernstig overschreden.
De officier van justitie had een werkstraf geëist, en de kamer legde aan de korporaal een werkstraf van 40 uur op en aan de zes mariniers een werkstraf van 30 uur. De uitspraak benadrukte het belang van vertrouwen binnen de krijgsmacht en veroordeelde het gedrag als ernstig buitensporig en strafbaar.
Uitkomst: Verdachte is veroordeeld tot een werkstraf van 30 uur wegens medeplegen van opzettelijke en wederrechtelijke vrijheidsberoving van een collega-militair.