ECLI:NL:RBARN:2011:BP9901
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.P.E.E. van Groeningen
- A.T.M. Vrijhoeven
- B.F.M. Klappe
- Rechtspraak.nl
Veroordeling medeplegen wederrechtelijke vrijheidsberoving collega-militair aan boord marineschip
Op 30 juni 2010 hebben zeven mariniers aan boord van het marineschip Hr.Ms. Johan de Witt een collega-militair zonder diens toestemming uit zijn bed getrokken, geboeid, geblindeerde bril en oorkappen opgezet, zijn mond dichtgeplakt en hem opgesloten in een kooi bestemd voor piraten. Dit gebeurde ondanks het duidelijke verzet van het slachtoffer.
De militaire kamer acht wettig en overtuigend bewezen dat de verdachten gezamenlijk deze wederrechtelijke vrijheidsberoving hebben gepleegd. De verdediging voerde aan dat het een grap betrof en dat er geen opzet was op de wederrechtelijkheid, maar dit werd verworpen vanwege het bewust negeren van het verzet en de maatregelen om herkenning te voorkomen.
De kamer benadrukt dat de gedragingen de grenzen van toelaatbare grappen en de strafrechtelijke normen ernstig hebben overschreden. Gezien de ernst van het feit en de persoonlijke omstandigheden van de verdachten, legt de kamer werkstraffen op van 40 uur aan de korporaal en 30 uur aan de overige mariniers.
Het slachtoffer voelde zich ernstig bedreigd, vernederd en verloor het vertrouwen in zijn collega’s, waarna hij het Korps Mariniers heeft verlaten. De straf moet ook een signaal zijn binnen de krijgsmacht dat dergelijke gedragingen onacceptabel zijn.
Uitkomst: Verdachte en medeverdachten veroordeeld tot werkstraffen wegens medeplegen van wederrechtelijke vrijheidsberoving van collega-militair.