ECLI:NL:RBARN:2011:BQ3092
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Regresvordering verzekeraar wegens diefstal auto toegewezen tegen vermeende autodief
In deze civiele zaak vordert Württembergische, als gesubrogeerde verzekeraar, regres op [gedaagde] wegens de diefstal van een auto die verzekerd was bij Württembergische. De auto werd in mei 2002 gestolen uit een parkeergarage in Nederland. De auto werd later teruggevonden in een schuur die door [gedaagde] was gehuurd.
[gedaagde] betwist de diefstal en de eigendom van de auto, evenals de bewijskracht van het Duitse strafvonnis waarin hij werd veroordeeld voor meerdere autodiefstallen, maar niet specifiek voor deze auto. De rechtbank oordeelt dat de Duitse vonnissen en processen-verbaal vrije bewijskracht hebben en dat de feiten voldoende zijn vastgesteld, mede door het ontbreken van een gemotiveerde betwisting door [gedaagde].
De rechtbank stelt vast dat Württembergische eigenaar is geworden van de auto na uitkering aan haar verzekerde en dat zij op grond van subrogatie regres kan nemen op de veroorzaker van de schade. De vordering wordt toegewezen voor het bedrag van de waardevermindering van de auto minus de verkoopopbrengst, inclusief wettelijke rente vanaf de datum van schade. De kosten voor het terughalen van de auto worden afgewezen omdat deze niet als schade van de verzekerde worden beschouwd.
Uitkomst: De rechtbank veroordeelt de vermeende autodief tot betaling van EUR 9.262,00 plus wettelijke rente en proceskosten wegens onrechtmatige daad.