ECLI:NL:RBARN:2011:BQ6715
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Navordering vennootschapsbelasting wegens vrijval herinvesteringsreserve na ontbinding vennootschap
Eiseres, een vennootschap die in 2003 is ontbonden, had een herinvesteringsreserve gevormd in verband met de verkoop van een onroerende zaak. Verweerder legde in 2009 een navorderingsaanslag vennootschapsbelasting op over 2003, inclusief heffingsrente, omdat de herinvesteringsreserve als gevolg van de ontbinding vrij moest vallen.
Eiseres voerde aan dat er sprake was van een compromis en dat de navordering niet gegrond was omdat verweerder bekend had moeten zijn met de ontbinding. De rechtbank oordeelde dat geen compromis tot stand was gekomen en dat verweerder geen reden had om aan de juistheid van de aangifte te twijfelen, mede omdat de Kamer van Koophandel de ontbinding niet aan verweerder had gemeld.
De rechtbank stelde vast dat het nieuwe feit van de ontbinding pas bekend werd door een brief van de gemachtigde aan de Nationale Ombudsman, waardoor navordering gerechtvaardigd was. Verder werd geoordeeld dat de herinvesteringsreserve vrij moest vallen in 2003, conform verleend uitstel en het beginsel van balanscontinuïteit.
Het beroep tegen de navorderingsaanslag en de heffingsrente werd ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep tegen de navorderingsaanslag vennootschapsbelasting en heffingsrente wordt ongegrond verklaard.