ECLI:NL:RBARN:2011:BR0019
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot verval aanbod en afgifte ordner in faillissementsprocedure
In deze civiele procedure bij de rechtbank Arnhem stonden geschillen tussen twee eisers en de curator van het failliete aannemersbedrijf [X] B.V. centraal. De eisers hadden een koop-/aannemingsovereenkomst gesloten en een depotbedrag onder notarieel beheer gestort wegens gebreken. Na het faillissement verzochten zij de curator om vrijgave van het depotbedrag en afgifte van een ordner met bewijsstukken.
De eisers stelden dat hun aanbod tot betaling binnen drie dagen vervallen was door niet-tijdige betaling door de curator en vorderden onder meer afgifte van de ordner en een dwangsom. De rechtbank oordeelde dat het Nederlandse procesrecht slechts één schriftelijke debatronde kent en dat de akte na comparitie niet geaccepteerd werd. De stelling dat het aanbod vervallen was door niet-tijdige betaling werd verworpen, mede omdat het onduidelijk was wat het aanbod precies inhield.
De curator voerde verweer tegen de afgifte van de ordner, maar de rechtbank vond onvoldoende bewijs dat andere appartementseigenaren zich hiertegen zouden verzetten. De ordner, samengesteld door een van de eisers, moest worden afgegeven. De rechtbank legde geen dwangsom op vanwege vertrouwen in naleving en bepaalde dat partijen ieder hun eigen proceskosten dragen, gelet op het wederzijds ongelijk en het op de spits drijven van het geschil.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tot verval van het aanbod af, beveelt afgifte van de ordner en bepaalt dat partijen ieder hun eigen kosten dragen.