ECLI:NL:RBARN:2011:BR0274
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- T.A. Willems-Dijkstra
- H.J. Klein Egelink
- I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas
- Rechtspraak.nl
Herstelbesluit intrekking en terugvordering bijstand wegens gezamenlijke huishouding en vermogensoverschrijding
Eiseres ontving bijstand van 1992 tot 2009. Verweerder trok deze bijstand in en vorderde terugbetaling wegens vermeende gezamenlijke huishouding met partner en vermogensoverschrijding. De rechtbank onderzocht de feiten, waaronder getuigenverklaringen en bankgegevens.
De rechtbank oordeelde dat voor de periode 14 mei 1998 tot 10 maart 2003 onvoldoende bewijs was voor een gezamenlijke huishouding, waardoor intrekking in die periode niet gerechtvaardigd was. Voor de periode van 9 maart 2005 tot 23 juli 2009 was wel sprake van gezamenlijke huishouding en dus recht op intrekking. Vermogensoverschrijding werd vastgesteld voor de periodes 11 maart 2003 tot 8 maart 2005 en vanaf 24 juli 2009, maar de waarde van een auto werd ten onrechte meegerekend.
De terugvordering was onjuist berekend door opname van niet-bijstandskosten en dubbele bedragen. De rechtbank verklaarde het beroep gegrond en vernietigde het besluit deels. Verweerder werd in de gelegenheid gesteld om binnen zes weken de gebreken te herstellen en een correcte terugvorderingsberekening te maken.
Uitkomst: Het beroep wordt gegrond verklaard en het besluit deels vernietigd, met opdracht aan verweerder om binnen zes weken de gebreken te herstellen.