ECLI:NL:RBARN:2011:BR6596
Rechtbank Arnhem
- Kort geding
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering tot afgifte spullen overleden dochter wegens ontbreken spoedeisend belang
Eiser, voormalig partner van de moeder van de overleden dochter, vordert in kort geding dat de moeder en haar broer worden veroordeeld tot afgifte van persoonlijke spullen van de overleden dochter. De moeder is onherroepelijk veroordeeld voor moord op haar dochter en daardoor onwaardig erfgenaam. Eiser stelt dat hij als enig erfgenaam recht heeft op de spullen.
De moeder en haar broer betwisten het spoedeisend belang van eiser en de eigendom van de spullen. De spullen zijn ongesorteerd opgeslagen in honderden dozen op diverse locaties, en de moeder zit in detentie, wat praktische afgifte bemoeilijkt. De broer heeft geen beschikkingsmacht over de spullen en is geen erfgenaam.
De rechtbank oordeelt dat het spoedeisend belang ontbreekt, mede omdat de vordering niet concreet genoeg is en er onzekerheid bestaat over de eigendom en locatie van de spullen. De vordering wordt afgewezen, de proceskosten tussen eiser en moeder worden gecompenseerd, en eiser wordt veroordeeld in de kosten van de broer.
Uitkomst: Vordering tot afgifte spullen van overleden dochter wordt afgewezen wegens ontbreken spoedeisend belang.