ECLI:NL:RBARN:2011:BT6500
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid financieel adviseur wegens onjuiste informatie over hypothecaire lening
Eiseres, in echtscheiding en woonachtig in de echtelijke woning, liet zich in 2006 adviseren door gedaagde sub 2, werkzaam bij gedaagde sub 1, over een hypothecaire lening met beleggingsconstructie. De lening betrof € 450.000,00, terwijl eiseres liever een lening van € 350.000,00 zonder beleggingscomponent had gewild. Gedaagde sub 1 heeft volgens de rechtbank onjuist meegedeeld dat BLG alleen de lening met beleggingsconstructie accepteerde, wat eiseres niet kon bevestigen.
De rechtbank stelt vast dat gedaagde sub 2 als adviseur heeft gehandeld namens gedaagde sub 1, maar onvoldoende is gebleken van persoonlijke aansprakelijkheid van gedaagde sub 2. Er is een fout geconstateerd in de verwerking van inkomensgegevens, waarbij een te hoog bedrag aan inkomsten uit een assurantieportefeuille werd gehanteerd, maar gedaagde sub 1 heeft geprobeerd dit te herstellen vlak voor het verlijden van de hypotheekakte.
Eiseres heeft een e-mail ontvangen waarin zij werd gewaarschuwd over de situatie, maar zij heeft niet adequaat gereageerd. De rechtbank benadrukt dat het aan eiseres is om te bewijzen dat gedaagde sub 1 onjuist heeft verklaard dat BLG alleen de lening met beleggingsconstructie accepteerde. Tevens wordt eiseres in de gelegenheid gesteld te reageren op het verweer dat alimentatie en een bedrag van € 2.760,00 pas later in de hypotheekberekeningen zijn meegenomen.
De rechtbank wijst erop dat eiseres aannemelijk moet maken dat zij schade heeft geleden door de hogere maandlasten en lagere rendementen van de beleggingen. De zaak wordt aangehouden en op een latere datum zal worden beslist over bewijslevering en verdere procedure.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering tegen gedaagde sub 2 af en draagt eiseres op bewijs te leveren voor onjuiste mededeling door gedaagde sub 1; de zaak wordt aangehouden.