ECLI:NL:RBARN:2011:BU4300
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Bestuursrechtelijke uitspraak over navorderingsaanslagen en boetes inkomstenbelasting met betrekking tot buitenlandse bankrekening
Eiser exploiteert een coffeeshop en werd geconfronteerd met navorderingsaanslagen, boetebeschikkingen en heffingsrente voor de jaren 1998 tot en met 2007, vanwege het niet opgeven van inkomsten en vermogen op een Zwitserse bankrekening. De Belastingdienst stelde dat sprake was van (voorwaardelijk) opzet en paste de verlengde navorderingstermijn toe.
De rechtbank oordeelde dat de verlengde navorderingstermijn terecht werd toegepast omdat het inkomen in het buitenland werd gehouden en niet tijdig aan de fiscus bekend was. De bewijslast werd omgekeerd en verzwaard wegens het niet doen van de vereiste aangifte. Eiser slaagde er niet in aannemelijk te maken dat de bedragen eerst in Nederland zichtbaar waren en tijdig aangegeven hadden kunnen worden.
De rechtbank verklaarde de beroepen tegen de navorderingsaanslagen 1998-2000 en 2005-2007 gegrond en vermindert deze aanslagen, terwijl de beroepen 2001-2004 ongegrond werden verklaard. Correcties op reiskosten en zelfstandigenaftrek werden door de Belastingdienst ingetrokken. De boetes werden bevestigd omdat opzet werd aangenomen. Tevens werd verweerder veroordeeld tot vergoeding van proceskosten en griffierecht.
Uitkomst: De navorderingsaanslagen voor 1998-2000 en 2005-2007 worden verminderd, de boetes bevestigd en verweerder veroordeeld in proceskosten.