ECLI:NL:RBARN:2011:BU9551
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- Rechtspraak.nl
Toepassing spoedbestuursdwang wegens overtreding Waterwet bij gebruik baggerpartij
GMG B.V. voerde werkzaamheden uit waarbij een partij bagger werd toegepast in een plas op het industrieterrein Kellen te Tiel. Het Waterschap Rivierenland stelde dat deze baggerpartij niet als baggerspecie of bodemvreemd materiaal in de zin van het Besluit bodemkwaliteit kon worden aangemerkt en legde daarom spoedbestuursdwang op. GMG B.V. betwistte dit en stelde dat het besluit onvoldoende grond had.
De rechtbank oordeelde dat de baggerpartij planten- en wortelresten bevatte die niet als organisch materiaal in de bodem kunnen worden beschouwd en dat het materiaal ook niet bodemvreemd was zoals bedoeld in het Besluit bodemkwaliteit. Hierdoor was sprake van een overtreding van artikel 6.2, eerste lid, van de Waterwet.
Verder concludeerde de rechtbank dat het Waterschap bevoegd was tot handhavend optreden en dat er geen concrete aanwijzingen waren voor legalisatie of disproportionaliteit van het bestuursdwangbesluit. Ook werd geoordeeld dat de spoedeisendheid terecht was vastgesteld vanwege voortzetting van de overtreding ondanks afspraken.
Het beroep van GMG B.V. werd daarom ongegrond verklaard en er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: Het beroep van GMG B.V. tegen het besluit tot spoedbestuursdwang wordt ongegrond verklaard.