ECLI:NL:RBARN:2011:BV0996
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Geen schending zorgplicht bij vernietiging inboedel na ontruiming door Stichting Woonstede
De huurster huurde een woning van Stichting Woonstede en werd bij verstek veroordeeld tot ontruiming wegens huurachterstand. Bij de ontruiming werd haar inboedel door Stichting Woonstede afgevoerd en opgeslagen. Na een termijn van ruim dertien weken zonder betaling van de kosten kondigde Stichting Woonstede aan de inboedel te zullen vernietigen, wat uiteindelijk op 9 december 2009 gebeurde.
De huurster stelde Stichting Woonstede aansprakelijk voor de schade door vernietiging van haar inboedel en vorderde een schadevergoeding van €28.065,-. Stichting Woonstede stelde zich op het standpunt dat zij als zaakwaarnemer handelde en recht had op vergoeding van de kosten die zij had gemaakt, en dat zij niet onzorgvuldig had gehandeld.
De rechtbank oordeelde dat er geen overeenkomst van bewaarneming was gesloten, maar dat Stichting Woonstede als zaakwaarnemer had gehandeld. Gezien de omstandigheden, waaronder de ontbinding van de huurovereenkomst, de loonbeslag en het uitblijven van betaling, was het redelijk dat Stichting Woonstede na veertien weken de zaakwaarneming beëindigde en de inboedel vernietigde. Er was geen sprake van onrechtmatig handelen.
De vordering van de huurster werd afgewezen en zij werd veroordeeld tot betaling van de schadevergoeding aan Stichting Woonstede voor de gemaakte kosten van afvoer, opslag en storting van €5.272,- plus rente. Ook werd zij veroordeeld in de proceskosten.
Uitkomst: De vordering van de huurster wordt afgewezen en zij wordt veroordeeld tot betaling van de schadevergoeding aan Stichting Woonstede voor gemaakte kosten.