ECLI:NL:RBARN:2011:BV2131
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing vordering curator wegens onbehoorlijke taakvervulling bestuurders ACD B.V.
De curator van het faillissement van ACD B.V. vorderde een verklaring voor recht dat de bestuurders van ACD, tevens bestuurders van aandeelhouder Beheer, hun taak onbehoorlijk hadden vervuld en aansprakelijk waren voor de schulden van ACD. De vordering was primair gebaseerd op artikel 2:248 BW Pro en subsidiair op artikel 2:9 BW Pro.
De rechtbank stelde vast dat de verkoop van het bedrijfspand aan Beheer meer dan drie jaar voor het faillissement had plaatsgevonden, waardoor een vordering op grond van onbehoorlijke taakvervulling volgens artikel 2:248 BW Pro niet toewijsbaar was. Daarnaast was de jaarrekening 2008 37 dagen te laat gepubliceerd, maar dit werd als een gering verzuim beoordeeld, zodat ook dit geen onbehoorlijke taakvervulling opleverde.
Subsidiair betoogde de curator dat de verkoop en de financiële constructie rond het bedrijfspand de solvabiliteit van ACD hadden geschaad. De rechtbank oordeelde dat de authentieke notariële akte van levering dwingend bewijs leverde dat de koopprijs was voldaan door verrekening in rekening-courant. De curator kreeg de gelegenheid om tegenbewijs te leveren.
De rechtbank hield de zaak aan voor een akte van de curator en verwees de zaak naar de rol voor vonnis, waarbij de vordering op grond van onbehoorlijk bestuur werd afgewezen.
Uitkomst: De rechtbank wijst de vordering van de curator af wegens het ontbreken van onbehoorlijke taakvervulling binnen de driejaarstermijn en beoordeelt het verzuim bij publicatie jaarrekening als gering.