Uitspraak
RECHTBANK ARNHEM
Vonnis faillissement
De beoordeling
De beslissing
[verweerster];
en tot curator mr. R.C. Faase, 4000 AC Tiel, Postbus 124;
Vrijdag webinar: live demo van Lexboost
Rechtbank Arnhem
De rechtbank Arnhem behandelde het verzoek tot faillietverklaring van een zelfstandig ondernemer ingediend door haar werknemers wegens achterstallig loon en vakantiegeld. Hoewel de ondernemer een lopende aanvraag voor de wettelijke schuldsaneringsregeling (WSNP) had, die nog niet onherroepelijk was beslist, werd het faillissementsverzoek niet aangehouden.
De rechtbank overwoog dat toepassing van artikel 3a lid 2 van de Faillissementswet, die bepaalt dat een faillissementsverzoek niet eerder mag worden beslist dan dat de WSNP-aanvraag onherroepelijk is, in dit geval een disproportionele inbreuk maakt op het recht van de werknemers op volledige en tijdige loonbetaling. Dit recht wordt beschermd door artikel 1 van Pro het Eerste Protocol bij het Europees Verdrag voor de Rechten van de Mens (EVRM).
De rechtbank concludeerde dat het belang van de werknemers op loonbetaling zwaarder weegt dan het belang van de ondernemer bij uitstel van het faillissementsbesluit. Daarom werd de ondernemer in staat van faillissement verklaard, een rechter-commissaris en curator benoemd, en werden de bevoegdheden van de curator vastgesteld.
Uitkomst: De ondernemer wordt failliet verklaard ondanks lopende WSNP-aanvraag vanwege bescherming van het loonrecht van werknemers.