ECLI:NL:RBARN:2012:BW0952
Rechtbank Arnhem
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Afwijzing verzoek voorlopige voorziening inzake openbaarmaking passages belastingzaak
De geheimhoudingskamer van de rechtbank Arnhem heeft op 7 februari 2012 een verzoek van verweerder deels toegewezen en deels afgewezen inzake beperkte kennisneming van stukken. De rechtbank oordeelde dat verweerder niet verplicht is om de betreffende passages ongeschoond openbaar te maken, ondanks de beslissing van de geheimhoudingskamer.
Verweerder heeft de vrijheid om bepaalde stukken niet ongeschoond in te brengen. Verzoeker vorderde bij de voorzieningenrechter dat verweerder gedwongen wordt tot openbaarmaking, met een dwangsom bij niet-naleving. De voorzieningenrechter overwoog dat in geval van weigering tot overlegging van stukken, artikel 8:31 van Pro de Algemene wet bestuursrecht (Awb) van toepassing is, en dat het aan de belastingrechter in de hoofdzaak is om de gevolgen van die weigering te verbinden.
De voorzieningenrechter oordeelde dat het niet passend is om verweerder via een voorlopige voorziening te verplichten tot openbaarmaking, omdat dit de door verweerder gekozen proceshouding zou frustreren. Daarom werd het verzoek afgewezen. Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het verzoek om een voorlopige voorziening tot openbaarmaking van passages wordt afgewezen.