ECLI:NL:RBARN:2012:BW5897
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- M.C.G.J. van Well
- F.M. Smit
- A.M.F. Geerling
- Rechtspraak.nl
Beoordeling naheffingsaanslag overdrachtsbelasting bij afstand vruchtgebruik en zaaksvervanging
Eiser heeft beroep ingesteld tegen een naheffingsaanslag overdrachtsbelasting opgelegd door de Belastingdienst vanwege afstand van het recht van vruchtgebruik op een appartementsrecht. De rechtbank oordeelt dat opzegging of afstand van een beperkt recht volgens artikel 6, eerste lid, Wet BRV wordt gezien als verkrijging van dat recht door de hoofdgerechtigde, waardoor overdrachtsbelasting verschuldigd is.
Eiser stelde dat sprake was van zaaksvervanging conform artikel 3:213 BW Pro en dat daardoor de belastingheffing anders moest plaatsvinden, namelijk over het verschil in waarde tussen de rechten. De rechtbank stelt echter dat voor de heffing van overdrachtsbelasting uitsluitend de Wet BRV relevant is en dat zaaksvervanging geen invloed heeft op de belastingheffing.
De rechtbank concludeert dat geen sprake is van verkrijging van een nieuw beperkt recht door eiser, zodat de heffing plaatsvindt op grond van de hoofdregel van artikel 9, eerste lid, Wet BRV. Het beroep wordt ongegrond verklaard en ook het beroep tegen de heffingsrente wordt afgewezen. Er worden geen proceskosten toegewezen.
Uitkomst: Het beroep tegen de naheffingsaanslag overdrachtsbelasting wegens afstand van vruchtgebruik wordt ongegrond verklaard.