ECLI:NL:RBARN:2012:BX0101
Rechtbank Arnhem
- Wraking
- P.J. Wiegman
- T.P.E.E. van Groeningen
- G.A. van der Straaten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter rechtbank Arnhem wegens onvoldoende feiten voor partijdigheid
Verzoeker heeft een wrakingsverzoek ingediend tegen een rechter van de rechtbank Arnhem, stellende dat deze rechter niet onpartijdig zou zijn vanwege vermeende belangenverstrengeling door niet-gemelde nevenfuncties en onvoldoende waarheidsvinding in een eerdere zaak.
De rechtbank overweegt dat nieuwe gronden pas ter zitting zijn ingebracht en daarom niet in behandeling worden genomen. Ook is onvoldoende gesteld om getuigenbewijs toe te laten over de vermeende belangenverstrengeling. De rechtbank benadrukt dat rechters worden vermoed onpartijdig te zijn, tenzij er zwaarwegende aanwijzingen zijn van vooringenomenheid.
Hoewel verzoeker bevreemding uitte over de procedure rond verzet tegen griffierechten, acht de rechtbank dit geen reden voor wraking. Het bestuur van de rechtbank zorgt voor voldoende waarborgen van rechterlijke onafhankelijkheid. Het verzoek tot het horen van de president van de rechtbank wordt eveneens afgewezen wegens onvoldoende onderbouwing.
De rechtbank besluit het wrakingsverzoek af te wijzen en verklaart dat tegen deze beslissing geen rechtsmiddel openstaat.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen de rechter wordt afgewezen wegens gebrek aan feiten die de onpartijdigheid aantasten.