ECLI:NL:RBARN:2012:BX2390
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- A.I. van Amsterdam
- M.C.G.J. van Well
- A.M.F. Geerling
- Rechtspraak.nl
Herinvesteringsvoornemen niet aannemelijk; herinvesteringsreserves vennootschapsbelasting 2007 vrijvallen
Eiseres, een BV die in 2004/2005 uit een accountancymatschap trad en daarbij goodwill realiseerde, vormde een herinvesteringsreserve (hir-1). In 2006 kocht zij een accountancypraktijk die direct met winst werd doorverkocht, waarna een tweede herinvesteringsreserve (hir-2) werd gevormd. Verweerder stelde dat het herinvesteringsvoornemen niet aannemelijk was en dat beide reserves moesten worden vrijgevallen.
De rechtbank stelde vast dat eiseres geen concrete en reële intentie had om te herinvesteren. Ondanks verklaringen over oriënterende gesprekken en mogelijke overnames, werd het feit dat eiseres niet zelf investeerde maar de praktijk direct doorverkocht en haar directeur in dienst trad bij de koper, zwaar meegewogen. Dit duidde op het ontbreken van een herinvesteringsvoornemen.
Het beroep van eiseres op het vertrouwensbeginsel werd verworpen omdat de brief van verweerder een voorlopige standpuntbepaling betrof en er geen definitief vertrouwen kon worden ontleend. De rechtbank verklaarde het beroep ongegrond en wees ook het beroep tegen de heffingsrente af. Er werd geen proceskostenveroordeling opgelegd.
Uitkomst: De rechtbank verklaart het beroep ongegrond en bepaalt dat de herinvesteringsreserves in 2007 aan de winst moeten worden toegevoegd.