ECLI:NL:RBARN:2012:BY3998
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - meervoudig
- C.M.E. Lagarde
- A.M. van Gorp
- H.T. Wagenaar
- Rechtspraak.nl
Veroordeling werkstraf voor ontuchtige handelingen met minderjarig nichtje
De rechtbank Arnhem heeft op 23 november 2012 een 38-jarige man uit Kootwijkerbroek veroordeeld tot het verrichten van 160 uur werkstraf wegens het plegen van ontuchtige handelingen met zijn minderjarige nichtje. De feiten vonden plaats tussen maart en augustus 2006, toen het slachtoffer 14 jaar was en de verdachte 32 jaar.
De rechtbank achtte wettig en overtuigend bewezen dat de verdachte buiten echt ontuchtige handelingen heeft verricht, waaronder het betasten en vasthouden van de borsten en het masseren van de rug van het slachtoffer. De man heeft zijn verantwoordelijkheid als volwassene niet genomen en heeft het slachtoffer in haar seksuele ontwikkeling ernstig beschadigd.
Hoewel de officier van justitie een werkstraf met een voorwaardelijk strafdeel en bijzondere voorwaarden eiste, zag de rechtbank hiervoor geen aanleiding. De verdachte had in 2007 een behandeling ondergaan en was sindsdien niet teruggevallen in delictgedrag. De rechtbank legde daarom alleen een onvoorwaardelijke werkstraf op, die binnen een jaar na onherroepelijkheid moet worden voltooid.
De rechtbank hield rekening met de persoonlijke omstandigheden van de verdachte, zijn spijtbetuiging en het lage tot gemiddelde recidiverisico volgens de reclassering. De opgelegde werkstraf wordt bij niet-naleving vervangen door 80 dagen hechtenis.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 160 uur werkstraf wegens ontuchtige handelingen met minderjarig nichtje.