ECLI:NL:RBARN:2012:BY5730
Rechtbank Arnhem
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Afwijzing loonvordering wegens rechtsverwerking in arbeidsovereenkomst geschil
De kantonrechter behandelt een geschil tussen een werknemer en haar werkgever over de betaling van het minimumloon voor telefonische bereikbaarheidsuren. De werknemer vordert aanvulling van loon omdat zij meent dat zij onder het minimumloon betaald is voor deze uren. De werkgever vordert terugbetaling van te veel betaalde bedragen.
De rechter oordeelt dat door het langdurige stilzitten van de werknemer en bijzondere omstandigheden, waaronder e-mailcorrespondentie waarin de loonvergoeding expliciet aan de orde kwam, de werkgever gerechtvaardigd mocht vertrouwen dat de werknemer haar aanspraak niet meer zou geldend maken. Dit leidt tot rechtsverwerking van de loonvordering.
Ook de vordering van de werkgever tot terugvordering van teveel betaald loon wordt afgewezen op dezelfde gronden. Beide vorderingen worden afgewezen en partijen dragen elk hun eigen proceskosten.
De arbeidsovereenkomst betrof een eenmanszaak waarbij de werknemer twee uur per week op kantoor werkte en vijftien uur telefonisch bereikbaar was vanuit huis. De loonbetaling was gebaseerd op een bruto maandloon van €400,00, met een uurvergoeding van €9,73 voor kantooruren en €4,86 voor bereikbaarheidsuren. De werknemer heeft gedurende het dienstverband meerdere malen om loonsverhoging gevraagd, maar niet specifiek over de bereikbaarheidsvergoeding.
De procedure omvatte ook onderhandelingen over beëindiging van het dienstverband en een UWV-procedure, waarin de loonkwestie niet aan de orde is gesteld. De kantonrechter concludeert dat de vorderingen niet meer kunnen worden ingediend wegens het gewekte gerechtvaardigd vertrouwen en wijst deze af.
Uitkomst: De loonvordering en tegenvordering worden afgewezen wegens rechtsverwerking; partijen dragen elk hun eigen proceskosten.