ECLI:NL:RBARN:2012:BY6503
Rechtbank Arnhem
- Wraking
- H.P.M. Kester
- F.J.H. Hovens
- G.A. van der Straaten
- Rechtspraak.nl
Afwijzing wrakingsverzoek rechter wegens vermeende vooringenomenheid in bestuursrechtelijke belastingzaak
Verzoeker diende een wrakingsverzoek in tegen rechter F.J. de Vries, die de bestuursrechtelijke zaak behandelde betreffende een beroep tegen een besluit van het College van Burgemeester en Wethouders van Arnhem. Verzoeker stelde dat de rechter kennelijk ongeschikt was en dat er sprake was van vooringenomenheid, mede omdat de rechter in hoger beroep als getuige zou worden opgeroepen over een eerdere uitspraak in een andere zaak van verzoeker.
De rechtbank stelde vast dat het wrakingsverzoek tweeledig was: enerzijds de vermeende ongeschiktheid van de rechter en anderzijds de vermeende vooringenomenheid door eerdere betrokkenheid. De rechtbank oordeelde dat de stelling van ongeschiktheid ongegrond was en dat het feit dat de rechter mogelijk als getuige in hoger beroep zou optreden geen concrete aanwijzing gaf voor vooringenomenheid in de onderhavige zaak.
De rechtbank benadrukte het vermoeden van onpartijdigheid dat aan rechters toekomt en dat wraking slechts kan slagen indien er concrete feiten of omstandigheden zijn die objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid rechtvaardigen. Dit was niet het geval. Het verzoek werd daarom afgewezen. Tegen deze beslissing staat geen rechtsmiddel open.
Uitkomst: Het wrakingsverzoek tegen rechter F.J. de Vries wordt afgewezen wegens gebrek aan objectief gerechtvaardigde vrees voor vooringenomenheid.