ECLI:NL:RBASS:2000:AA8889
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Aansprakelijkheid en schadevergoeding na dodelijk motorongeval in Assen
Op 25 juni 1994 verloor een motorrijder de macht over het stuur in Assen, wat leidde tot een ongecontroleerd ongeval waarbij mevrouw het slachtoffer om het leven kwam. De motorrijder was verzekerd bij de gedaagde verzekeraar, die aansprakelijkheid erkende en een deel van de begrafeniskosten vergoedde.
Eisers, waaronder de echtgenoot en minderjarige kinderen van het slachtoffer, vorderden onder meer een verklaring voor recht dat de motorrijder onrechtmatig handelde, schadevergoeding voor gederfd levensonderhoud, begrafeniskosten en kosten ter vaststelling van schade. De gedaagde voerde ontvankelijkheidsverweren en betwistte de hoogte van de schade en de rechtmatigheid van de vorderingen.
De rechtbank oordeelde dat de verklaring voor recht werd afgewezen wegens gebrek aan belang, dat procesmachtigingen voor de minderjarige kinderen niet vereist waren volgens Duits recht, en dat de gecombineerde vordering toelaatbaar was. Voor de schadevaststelling wordt een deskundigenbericht gelast. Eisers worden in de gelegenheid gesteld betalingsbewijzen en nadere toelichting op immateriële schade te overleggen.
Het vonnis houdt de zaak aan voor nadere vonniswijzing en sluit hoger beroep uit tot het eindvonnis. De rechtbank weegt bij de schadeberekening diverse factoren zoals draagkracht, behoefte, en wettelijke bepalingen, en wijst de voorlopige kosten voor schadevaststelling af wegens onvoldoende onderbouwing.
Uitkomst: De rechtbank houdt de zaak aan voor nadere vonniswijzing en gelast een deskundigenbericht voor schadevaststelling.