ECLI:NL:RBASS:2001:AB0461
Rechtbank Assen
- Kort geding
- F. le Poole
- Rechtspraak.nl
Beperking tenuitvoerlegging dwangsom bij omgangsregeling minderjarige kinderen
De vrouw vorderde in kort geding dat de rechtbank de tenuitvoerlegging van een arrest van het hof Leeuwarden zou verbieden, waarin de uitbreiding van de omgangsregeling en de dwangsomveroordeling waren bepaald. De man verzocht in reconventie dat de vrouw gedwongen zou worden medewerking te verlenen aan de omgangsregeling, met een dwangsom bij niet-nakoming.
Eerder was een omgangsregeling vastgesteld en bekrachtigd door het hof, waarbij de vrouw dwangsommen verbeurde tot een bedrag van 26.000 gulden, dat zij inmiddels had voldaan. De vrouw stelde dat het maximum was bereikt en verdere executie onredelijk was, mede gezien een lopend wijzigingsverzoek en haar persoonlijke omstandigheden.
De rechtbank oordeelde dat het vonnis uit 1999 een kennelijke misslag bevatte door het ontbreken van een maximum in het dictum, maar dat uit de overwegingen bleek dat een maximum van 26.000 gulden was beoogd. Dit maximum was bereikt, zodat verdere dwangsommen niet konden worden geëxecuteerd. De vordering van de vrouw werd toegewezen voor zover het de dwangsomveroordeling betrof, en de vordering tot schorsing van de gehele tenuitvoerlegging werd afgewezen.
De rechtbank compenseerde de proceskosten, waarbij elke partij haar eigen kosten draagt. De uitspraak bevestigt het belang van een redelijke en proportionele toepassing van dwangsommen in omgangszaken en voorkomt onredelijke executie na het bereiken van een maximum.
Uitkomst: De rechtbank verbiedt verdere tenuitvoerlegging van de dwangsomveroordeling tot het reeds bereikte maximum van 26.000 gulden en wijst verdere dwangsomvorderingen af.