ECLI:NL:RBASS:2001:AB2644
Rechtbank Assen
- Voorlopige voorziening
- Rechtspraak.nl
Voorlopige voorziening inzake vergunningen evenementen en geluidsoverlast in Westerbork
De Stichting Zomeractiviteiten kreeg diverse vergunningen van de burgemeester van Midden-Drenthe voor evenementen in Westerbork in de periode mei tot en met augustus 2001. Verzoeker maakte bezwaar tegen deze vergunningen vanwege de grote hoeveelheid lawaaidagen en de daarmee gepaard gaande geluidsoverlast, die zijn leefomgeving onevenredig aantastte en gezondheidsklachten veroorzaakte.
De president van de rechtbank beoordeelde dat de evenementen niet kwalificeren als inrichtingen in de zin van de Wet Milieubeheer, waardoor het Besluit Horeca, sport en recreatie-inrichtingen milieubeheer niet van toepassing is. De vergunningen moesten daarom worden getoetst aan de gemeentelijke Festiviteiten- en evenementenverordening, waarin onder meer maxima zijn gesteld aan het aantal lawaaidagen.
Uit de beoordeling bleek dat het maximum aantal lawaaidagen was bereikt en dat de burgemeester geen individuele belangenafweging had gemaakt bij het verlenen van de vergunningen. De president oordeelde dat de burgemeester dit alsnog moest doen, met aandacht voor de belangen van de openbare orde, gezondheid en leefomgeving. Verzoeker werd in het gelijk gesteld en de burgemeester werd opgedragen vóór 1 augustus 2001 de belangenafweging te maken, de uitkomsten aan verzoeker te melden en daarop te handelen.
Daarnaast werd de gemeente Midden-Drenthe veroordeeld tot vergoeding van de proceskosten en het griffierecht van verzoeker.
Uitkomst: De burgemeester wordt opgedragen vóór 1 augustus 2001 een belangenafweging te maken over de vergunningen en verzoeker te informeren over de uitkomsten.