ECLI:NL:RBASS:2005:AT8500
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- F. le Poole
- Rechtspraak.nl
Verdeling onderhoudskosten en lasten voormalige echtelijke woning tussen vruchtgebruikster en mede-eigenaren
De zaak betreft een geschil over de verdeling van onderhoudskosten en lasten van een woning die bij testament is verdeeld tussen een vruchtgebruikster en mede-eigenaren. De vruchtgebruikster heeft het recht van gratis gebruik en bewoning, terwijl de eigendom is verdeeld over drie partijen.
De rechtbank onderscheidt twee rechtsverhoudingen: tussen vruchtgebruikster en hoofdgerechtigden, en tussen mede-eigenaren. Op grond van artikel 3:220 BW Pro komen gewone lasten en klein onderhoud voor rekening van de vruchtgebruikster, terwijl buitengewone herstellingen voor rekening van de hoofdgerechtigden zijn. De rechtbank bepaalt dat de onderhoudswerkzaamheden die nodig zijn, gezien hun aard en kosten, buitengewoon zijn en dus door de mede-eigenaren moeten worden gedragen.
Daarnaast oordeelt de rechtbank dat waterschapslasten en onroerende zaakbelasting niet onder de lasten van de vruchtgebruikster vallen en daarom door de hoofdgerechtigden elk voor een derde deel moeten worden betaald. De vordering tot vergoeding van buitengerechtelijke kosten wordt gedeeltelijk toegewezen, waarbij een redelijke vergoeding wordt vastgesteld. De proceskosten worden ieder voor eigen rekening gelaten.
Uitkomst: Mede-eigenaren zijn elk gehouden tot een derde bijdrage in buitengewone onderhoudskosten en lasten van de woning, terwijl de vruchtgebruikster klein onderhoud en nutsvoorzieningen draagt.