ECLI:NL:RBASS:2006:AV5303
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Ontslag op staande voet wegens niet-melden strafrechtelijk verleden niet rechtsgeldig
De werknemer was vanaf februari 2005 via detachering werkzaam als magazijnmedewerker bij de werkgever. Tijdens het sollicitatiegesprek werd gevraagd naar een witte vlek in zijn cv, waarop de werknemer psychische problemen aangaf, maar niet het zedendelict en de opgelegde TBS meldde. Na het aangaan van de arbeidsovereenkomst deed hij dit alsnog.
De werkgever zag daarop af van de arbeidsovereenkomst en stelde dat sprake was van een dringende reden voor ontslag op staande voet of buitengerechtelijke vernietiging wegens dwaling. De werknemer betwistte dit en vorderde loonbetaling.
De rechtbank oordeelde dat de werkgever niet gerechtvaardigd was in het ontslag op staande voet, mede vanwege het recht op privacy van de werknemer en het ontbreken van een onaanvaardbaar risico in de functie. Het beroep op dwaling werd verworpen omdat dit het ontslagrecht zou doorkruisen.
De loonvordering werd grotendeels toegewezen, maar gematigd vanwege het feit dat de werknemer elders werkte en een eigen bedrijf had. De werkgever werd veroordeeld tot betaling van loon over drie maanden plus wettelijke rente en proceskosten.
Uitkomst: Het ontslag op staande voet is niet rechtsgeldig gegeven en de werkgever is veroordeeld tot betaling van loon en proceskosten.