ECLI:NL:RBASS:2006:AY0147
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - enkelvoudig
- Rechtspraak.nl
Beoordeling onderhoudsbijdrage na meerderjarigheid en terugvordering onverschuldigde betalingen
De rechtbank Assen behandelde een geschil over de onderhoudsbijdrage die een man aan zijn inmiddels meerderjarige dochter moest betalen. In 1990 was een bijdrage vastgesteld die in 1997 bij overeenkomst tussen de man en zijn ex-echtgenote werd verlaagd. De man betaalde sindsdien het verlaagde bedrag.
Na het meerderjarig worden van de dochter in april 2005, betaalde de man de bijdrage rechtstreeks aan haar. Het LBIO stelde een vordering wegens achterstallige betaling van de oorspronkelijke hogere bijdrage. De rechtbank oordeelde dat de overeenkomst uit 1997 de oorspronkelijke beschikking wijzigde, waardoor artikel 1:395b BW niet van toepassing was.
De dochter stelde een hogere bijdrage te vorderen, maar de rechtbank concludeerde dat zij geen behoefte had aan een bijdrage gezien haar inkomsten en beurs. De rechtbank bepaalde de bijdrage vanaf 20 april 2006 op nihil en gelastte de dochter tot terugbetaling van onverschuldigde betalingen die via het LBIO waren geïnd.
Uitkomst: De onderhoudsbijdrage is vanaf 20 april 2006 nihil en onverschuldigde betalingen moeten worden terugbetaald.