ECLI:NL:RBASS:2006:AY8768
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.E. Münzebrock
- N.R. Boonstra
- G. Kaaij
- Rechtspraak.nl
Veroordeling voor schuldheling, diefstal en wapenbezit met deels onvoorwaardelijke gevangenisstraf
De rechtbank Assen heeft op 19 september 2006 uitspraak gedaan in een strafzaak tegen de verdachte die werd verdacht van schuldheling, diefstal en het bezit van een vuurwapen en munitie. De verdachte was niet aanwezig tijdens de zitting, maar werd vertegenwoordigd door zijn raadsman. De officier van justitie achtte meerdere tenlasteleggingen wettig en overtuigend bewezen.
De rechtbank sprak de verdachte vrij van enkele tenlastegelegde feiten wegens onvoldoende bewijs, met name voor diefstallen en inbraken waarbij geen aanwijzingen waren voor betrokkenheid van de verdachte. Wel werd bewezen verklaard dat de verdachte in de periode van februari tot maart 2006 diverse goederen, waaronder een grasmaaier, gereedschap en een vuurwapen met munitie, voorhanden had terwijl hij redelijkerwijs had moeten vermoeden dat deze door misdrijf verkregen waren.
De rechtbank kwalificeerde deze feiten als schuldheling, diefstal en handelen in strijd met de Wet wapens en munitie. Gelet op de ernst van de feiten en de omstandigheden, waaronder eerdere veroordelingen van de verdachte, werd een gevangenisstraf van 18 maanden opgelegd, waarvan 6 maanden voorwaardelijk met een proeftijd van 2 jaar. Daarnaast werd de verdachte veroordeeld tot betaling van een schadevergoeding van €92,85 aan de benadeelde partij, met de bepaling dat verdere civiele vorderingen door de benadeelde partij bij de burgerlijke rechter moeten worden ingediend.
De rechtbank gelastte tevens de bewaring van in beslag genomen goederen ten behoeve van de rechthebbenden en bepaalde dat de tijd in voorlopige hechtenis in mindering wordt gebracht op de straf. De benadeelde partij werd niet-ontvankelijk verklaard voor haar overige vorderingen in het strafproces.
Uitkomst: Verdachte veroordeeld tot 18 maanden gevangenisstraf, waarvan 6 maanden voorwaardelijk, en betaling van €92,85 aan de benadeelde partij.