ECLI:NL:RBASS:2006:AZ4720
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.J. Schoemaker
- J.M.M. van Woensel
- G. Kaaij
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs seksuele misdrijven tegen slachtoffer met psychische stoornis
De rechtbank Assen behandelde op 19 december 2006 een zaak tegen verdachte die werd beschuldigd van het plegen van ontuchtige handelingen en het maken van inbreuk op de persoonlijke levenssfeer van een slachtoffer met een psychische stoornis. De tenlastelegging betrof handelingen in de periode van juni 2004 tot september 2006 in de gemeente Emmen.
De rechtbank overwoog dat voor een veroordeling vereist is dat het slachtoffer niet of onvolkomen in staat was haar wil te bepalen of kenbaar te maken vanwege een psychische stoornis. Uit het psychologisch rapport en de verklaringen van het slachtoffer bleek echter dat zij wel degelijk haar wil kon bepalen en kenbaar maken. Daarnaast kon niet worden vastgesteld dat verdachte wist van deze onvolkomenheid in wilsvorming.
De rechtbank achtte het bewijs niet wettig en overtuigend en sprak verdachte vrij van de tenlasteleggingen. Tevens werd de benadeelde partij niet-ontvankelijk verklaard in haar civiele vordering, die zij slechts bij de burgerlijke rechter kan aanbrengen. Het bevel tot voorlopige hechtenis werd opgeheven.
Uitkomst: Verdachte wordt vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs dat het slachtoffer niet in staat was haar wil te bepalen.