ECLI:NL:RBASS:2007:AZ8653
Rechtbank Assen
- Eerste aanleg - meervoudig
- J.E. Münzebrock
- J.J. Schoemaker
- G. Kaaij
- Rechtspraak.nl
Vrijspraak wegens onvoldoende bewijs voor nalatigheid bij montage GSM-mast met fatale val
De rechtbank Assen behandelde een zaak waarin de verdachte werd beschuldigd van grove nalatigheid bij het inrichten van een GSM-mast, waarbij een bout- en moercombinatie in een klimbeveiligingsinstallatie niet juist zou zijn aangebracht. Dit zou hebben geleid tot het losraken van de veiligheidsmiddelen en de fatale val van een werknemer op 22 oktober 2004.
Tijdens het onderzoek en de zittingen werd vastgesteld dat de mast eerder elders had gestaan, was gedemonteerd, vervoerd en opnieuw gemonteerd. Diverse inspecties na montage hadden geen ontbrekende bouten geconstateerd. Deskundigen verklaarden dat een boutverbinding ook ongemerkt los kan raken door wisselende belastingen en weersinvloeden. Er was geen bewijs dat werknemers van verdachte de bout niet hadden aangebracht of dat een inspectie dit had gemist.
De rechtbank concludeerde dat het niet wettig en overtuigend bewezen was dat de verdachte nalatig was geweest. De officier van justitie trok haar eerdere stellingen in en de rechtbank sprak de verdachte vrij. De zaak benadrukt de complexiteit van bewijslast bij technische ongevallen en het belang van deskundigenrapporten.
Uitkomst: Verdachte is vrijgesproken wegens onvoldoende bewijs voor nalatigheid bij montage van de GSM-mast.